Home Auteurs Posts van Karin de Haan

Karin de Haan

98 POSTS 0 REACTIES
Karin de Haan is hoofdredacteur van CAP Magazine en Hoefslag. In het verleden was ze als freelancer betrokken bij verschillende andere hippische magazines, websites en social media platforms. Karin heeft zelf dressuurpaarden (KWPN) en pony's (voor haar kinderen).

Dierenkliniek Wolvega: Het paardenoog nader bekeken

0

Wat zien paarden? Hoe werkt het oog? Alleen al door de stand van het oog -bij een paard staan de ogen in tegenstelling tot bij de mens niet naast elkaar- verschilt van wat wij gewend zijn.  Dat, samen met nog andere verschillen, betekent dat zij de wereld anders zien dan wij. Cathérine Delesalle en  Marco De Bruijn van Dierenkliniek Wolvega gaan speciaal voor capmagazine.eu uitvoerig in op dit ogenschijnlijk ingewikkelde onderwerp.

Retina

Zoals alle zintuigen is ook het oog een magnifiek ontworpen orgaan. Lichtgolven worden gevangen door de oogbol, gaan door het hoornvlies, worden gefocussed door de lens en geprojecteerd op het netvliesscherm. Dit netvlies, ook wel retina genaamd, is een ingenieus systeem van lichtgevoelige cellen: staafjes en kegeltjes. Kegeltjes werken het beste in fel licht. Ze zijn minder lichtgevoelig dan staafjes, maar kunnen kleuren waarnemen. De staafjes nemen licht kwantitatief waar: zwart en wit en al het grijs daartussen. Er zijn drie soorten kegeltjes die elk een verschillende lichtgolflengte het beste waar kunnen nemen: kort, middel en lange golflengte, grofweg overeenkomend met blauwpaars, groen en rood.

Monoculair zicht en binoculair zicht (foto Delesalle en De Bruijn)
Monoculair zicht en binoculair zicht (foto Delesalle en De Bruijn)

Diepte zien

Doordat de ogen van paarden aan de zijkant staan van hun lichaam, zien zij twee verschillende beelden. Dit noemt men monoculair zicht. Elk oog ziet een ander beeld. Ter verduidelijking: als jij één oog afdekt, zie je met je andere oog monoculair. Vlak voor hun gezicht kan het paard binoculair zien, de twee beelden overlappen elkaar dan. Dat is hoe mensen kijken als ze met beide ogen kijken. Het is enkel met hun binoculair zicht dat paarden diepte zien. Binoculair zicht is uitermate handig voor roofdieren die de afstand tot hun prooi moeten inschatten, terwijl rondomrond (monoculair) kunnen kijken uitermate belangrijk is voor prooidieren. Paarden kunnen beide, maar niet tegelijk. Als ze bijvoorbeeld grazen, kijken ze monoculair, ze scannen de omgeving. Moeten ze een voorwerp, sprong of mens inschatten, kijken ze binoculair. Dan kunnen ze immers diepte inschatten.

Binoculair zicht, blinde vlek (foto Delesalle en De Bruijn)
Binoculair zicht, blinde vlek (foto Delesalle en De Bruijn)

Vertrouwen

Op de tekening zie je waar het paard ‘blinde vlekken’ heeft als hij zijn hoofd recht voor zich houdt. Blinde vlekken zijn de plaatsen waar een paard niets kan zien. Wanneer een paard zijn hoofd recht voor zich houdt, dan ziet het paard de blauwe velden niet. Als hij zijn hoofd echter draait naar links of naar rechts, ziet hij wél de blauwe velden. De bruine vlek kan hij niet zien, ook niet als hij het hoofd draait. Daarvoor moet hij zijn voeten verplaatsen. Onder hun hoofd zien paarden ook niets. Als paarden bijvoorbeeld door een waterplas moeten, kunnen ze wat terughoudend zijn op het moment dat ze er effectief door moeten. Ze zien immers niet waar ze hun voeten neerzetten. Het is belangrijk dat ze de tijd krijgen om eerst te kijken van een afstandje. Ze zullen hun hoofd omlaag en omhoog brengen en eventueel kantelen, om zodoende ‘de hindernis’ goed in te kunnen schatten. Dit heeft ook te maken met hoe zij ‘scherp’ zien. Hoe meer vertrouwen ze hebben in hun trainer en/of ruiter, hoe sneller ze erdoor zullen gaan.

Scherpte

Paarden zien scherp, maar wel op een andere manier scherp dan mensen. Als wij voor ons uit kijken zien we enkel dat punt scherp waar we effectief naar kijken. Alles daar omheen vervaagt geleidelijk aan. Test het maar eens door naar een punt dichtbij of in de verte te kijken. Houd je ogen daar strak op gericht en bemerk hoe alles daar omheen vager wordt, hoe verder de afstand van dat punt is. Het beeld van een paard is minder hoog, maar wel veel breder aangezien ze bijna volledig om zich heen kunnen kijken. In het midden van die brede strook ziet het paard scherp. Als hij iets scherp wil zien dat laag bij de grond is, zal hij zijn hoofd lager brengen, om op die manier de strook waarin hij scherp ziet, naar beneden te brengen. Je hebt het vast al eens meegemaakt dat wanneer je van dichtbij een voorwerp passeert wat jouw paard eng vindt, dat jouw paard het hoofd naar beneden brengt om het voorwerp beter te kunnen zien.

In het licht

Paarden zien veel beter in het donker dan mensen. Paarden hebben wel een langere aanpassingstijd nodig dan wij, bij verandering van licht naar donker en omgekeerd. Dat verklaart waarom paarden soms moeite hebben wanneer ze een plaats binnenkomen met meer of minder licht. Bijvoorbeeld vanuit een donkere stal in het felle zonlicht. Als je vanuit de verlichte binnenhal ‘s avonds het donkere erf opstapt, kunnen ze iets schichtiger zijn dan anders, tot hun ogen zich aangepast hebben.

Kleurenzicht (foto Delesalle en De Bruijn)
Kleurenzicht (foto Delesalle en De Bruijn)

Blauw-geel-groen

Men denkt dat een paard het beste blauw-geel-groen tinten ziet. Op de afbeelding zie je het verschil tussen welke kleuren een mens ziet en welke kleuren een paard ziet. Paarden zien dus vooral grijs, blauw, groen en gele tinten. Ook wit kan een paard onderscheiden.

Virus

Frequent voorkomende problemen aan het oog worden veroorzaakt door een infectie met een virus, bacterie of schimmel. Een voorbeeld van een virale infectie is deze met het EHV (Equine Herpes Virus) 2 uit de rhinopneumonie familie van herpesvirussen. Het geeft veelal witte stippen op het hoornvlies. Bacteriële infecties worden veelal overgedragen door vliegen. Ze geven rode oogslijmvliezen, gezwollen oogleden en pussige uitvloeiing. Enkele dagen zalven met een antibioticum geeft snel verbetering. Moeilijker wordt het wanneer de bacterie of eventueel zelfs een schimmel of gist een infectie geeft van het hoornvlies zelf. Het hoornvlies (cornea) bestaat uit een buitenste laag (epitheel), negen stromale lagen en een binnenslijmvlies (endotheel). Wanneer de bacterie of schimmel zich tussen de binnenste lagen kan ontwikkelen, ontstaat er een zogenaamd ‘stromaal’ abces, wat een lastige en langdurige behandeling inhoud of zelfs een operatie. Infectie in het oog zelf komt (gelukkig) niet zo frequent voor.

Iris

Wat wel vaker voorkomt is een immuun gemedieerde ontsteking van de bloedvaten in het gekleurde deel van het oog: de iris. Het precieze mechanisme is nog steeds niet helemaal opgehelderd, maar het afweersysteem in het oog herkent bepaalde deeltjes als zijnde lichaamsvreemd. We denken dat deze deeltjes onderdeel zijn van de Leptospiren bacterie die de ziekte van Weil veroorzaakt. Het gevolg is een zeer pijnlijke inwendige oogontsteking: maanblindheid. De ontsteking kan vergroeiingen veroorzaken van de pigmentkorrels van de iris aan de lens, kan de cellen van de lens doen afsterven, waardoor ze ondoorzichtig worden en kan zelfs de oogbol doen verschrompelen. Een aanval van maanblindheid kan uit zichzelf wel weer tot rust komen, maar dit kan lang duren, zolang dat er onomkeerbare schade aan het oog is ontstaan. Daarom is het belangrijk zo snel mogelijk krachtige ontstekingsremmers te druppelen (cortisone druppels), zodat de aanval zo snel mogelijk weer tot rust komt. Het is ook mogelijk een permanente ‘chip’ van ontstekingsremmers operatief onder de oogrok te plaatsen. Deze geeft circa drie tot vijf jaar een stof af die een volgende aanval moet voorkomen. Voor een oog dat nog goed kan zien, is dit een goede oplossing.
Of het immuunsysteem van een paard gaat reageren op onderdelen van de leptospiren in het oog, hangt onder meer af van haar erfelijke aanleg. Het immuunsysteem van bijvoorbeeld het  Friesche Paard heeft de neiging om hier sterk op te reageren met maanblindheid (recurrent uveitis) als gevolg. In Duitsland heeft men een techniek ontwikkeld waarbij het glaslichaam (de oogbol achter de lens) als het ware gezuiverd wordt van deze leptospiren deeltjes (vacofragmentatie).

Beschadigd hoornvlies
Een beschadiging van het hoornvlies kleurt fluorescerend groen aan. (foto Delesalle en De Bruijn)

Directe toediening

Beschadiging van het hoornvlies van het oog is een vaak voorkomend probleem. Een zwiepend takje, schuren aan de benen of een voorwerp en er kan een kras op het hoornvlies komen. Wat je ziet is een paard met een knijpend en tranend oog. Knijpen en tranen is een belangrijk symptoom voor een oogprobleem. De mate waarin zegt iets over de mate van pijn en de ergheid van de beschadiging of ontsteking. Wat echter belangrijk is, is te bedenken dat het slechts een symptoom is en geen diagnose. Net zoals hoest een symptoom voor een luchtwegaandoening is en diarree een symptoom voor een darmprobleem, is knijpen en tranen dit voor een oogprobleem. Een diagnose is nodig voor een accurate behandeling. Een oog met een aanval van maandblindheid heeft baat bij directe toediening van cortisone druppels. Echter in een oog met een hoornvliesbeschadiging wil je geen cortisone druppelen, omdat dit de genezing remt. Het aankleuren van het hoornvlies laat gauw genoeg zien of er een beschadiging is en bij herhaling kun je zien of deze kleiner wordt of geneest. Soms zit de beschadiging precies in het midden van het hoornvlies en geneest het niet. Of er komt een bacteriële infectie in, waardoor het hoornvlies ‘lek’ dreigt te raken. In die gevallen kan een operatie nodig zijn, waarbij een flap van het oogslijmvlies over het defect gehecht wordt. Vanuit dit slijmvlies kunnen er bloedvaten in het hoornvlies groeien die de reparatie gaan ‘voeden’. Later wordt dit slijmvlies weer verwijderd.

(foto Delesalle en De Bruijn)
Conjunctivoplastie: slijmvlies is over het hoornvliesdefect gehecht om genezing te bevorderen. (foto Delesalle en De Bruijn)

Hoornvliesbeschadiging

Andere redenen voor beschadiging van het hoornvlies, anders dan trauma van buitenaf, zijn een naar binnen krullend ooglid bij jonge veulentjes of haargroei aan de binnenzijde van het ooglid. We noemen het distichiasis. Er zitten kleine haartjes op de ooglidrand die steeds het hoornvlies raken. Dit geeft irritatie of zelfs een beschadiging. Met behulp van een laser branden we de haarzakjes van deze haartjes weg. Een heel enkele keer heeft hetzelfde paard keer op keer een hoornvliesbeschadiging. Het kan zijn dat er irritatie/pijn van binnen in het oog (maanblindheid) ervoor zorgt dat het paard gaat schuren en daarbij zijn oog beschadigt. Er bestaat echter een aandoening waarbij er langzaam maar zeker met episodes verval van het hoornvlies optreedt, ook wel corneadystrophie genaamd. Het begint met witte vlekken of lijnen in de binnenste lagen van het hoornvlies, die kunnen ontaarden tot uitwendige beschadigingen, die soms chirurgische reparatie nodig hebben.

Lezingen en workshops

Het oog is een belangrijk en complex orgaan, met vaak lastige en niet volledig begrepen aandoeningen. In de humane geneeskunde is dit al lang onderkend en daarom is oogheelkunde oftewel ophtalmologie een aparte specialisatie. Ook binnen de diergeneeskunde begint deze specialisatie vorm te krijgen. Eerst enkele Amerikaanse dierenartsen, een Brit en nu ook gevolgd door een handvol Europeanen, hebben hun carrière gewijd aan onderzoek en behandeling van het paardenoog. Zij hebben hier boeken over geschreven en geven regelmatig lezingen en workshops waardoor de kennis van het oog van de paardenarts op een hoger niveau wordt getild. Voor u als liefhebber is het belangrijk te weten dat er voor de oogproblemen van uw oogappel wellicht meer onderzoek- en behandelmethoden zijn en in ontwikkeling zijn, dan dat uw directe omgeving denkt.

Over de auteurs

Cathérine Delesalle en Marco de Bruijn zijn dierenarts en Europees specialist inwendige ziekten. Delesalle is verbonden aan de Universiteiten van Utrecht en Gent. De Bruijn is mede-eigenaar van Dierenkliniek Wolvega.

Tekst: Marco De Bruijn en Cathérine Delesalle
Foto’s: Marco De Bruijn,  Cathérine Delesalle, Digishots

Overname zonder bronvermelding én schriftelijke toestemming van de auteurs niet toegestaan

Zomer: vitamines dankzij zon en wei

0
Paarden Zorg
Paard in de wei

Eigenlijk weten we dit al. De zon zorgt ervoor dat er vitamine D wordt aangemaakt. En dat zorgt voor een glanzende vacht. Ook vitamine A is door de opname van vers gras in de zomer geen probleem.

Vitamine D3

Tijdens de zomerperiode lopen de meeste paarden buiten. Ze  komen daardoor veel in het zonlicht, waardoor ze zelf vitamine D3 aan kunnen maken. Juist deze vitamine D3 zorgt voor een glanzende vacht.

Lekker naar buiten

Daarom is het raadzaam om je paard tijdens zonnige voorjaars- en najaarsdagen ook lekker buiten te laten lopen.  Komt je paard niet heel vaak buiten, zorg dan dat je het gebrek aan vitamine D opvangt via de voeding.

Vitamine A

Een andere vitamine die paarden in de zomer meer binnen krijgen dan in de winter is vitamine A. Dit omdat verse producten (gras) een hoger vitamine A gehalte bevatten, dan producten die langer worden bewaard. In de zomer dus geen zorgen omtrent vitamine A. In de winter vangen veel paardeneigenaren het gebrek aan vitamine A op, door de paarden wortelen te voeren. Wortelen zijn een bron van caroteen, dat omgezet wordt in vitamine A.

Bron: Cap Magazine
Foto: Shutterstock

 

Blog Lotte van Rosevelt: ‘Je paard aan de hand mee nemen’

0
Lopen naast een paard
We kennen ze allemaal, paarden die het meelopen aan het touw echt niet zo serieus nemen.  Ze vliegen alle kanten op, sleuren je van berm naar berm voor wat gras, kunnen op bijzondere wijze alleen maar draven aan een halstertouw, staan zomaar stil en doen echt alles behalve wat jij graag wilt dat hij doet. In deze blog van Lotte van Rosevelt Zes stappen om hier goed mee om te gaan…

Wat willen we bereiken?

Een paard moet stil kunnen staan en normaal mee kunnen lopen aan een halstertouw. Waar we ook zijn, wat er ook gebeurt, het zou fijn zijn als zijn focus op mij is en als ik iets vraag dat dit zonder “poeha” ook gewoon gebeurd. Nou is het niet zo dat ik meteen helemaal los ga als mijn paard heel even zijn omgeving in zich opneemt of even zijn focus niet op mij heeft, het blijft een levend dier uiteraard!

Stap 1: Wie beweegt, bepaalt

Tijdens het oefenen zou ik altijd aanraden om een lange lijn te gebruiken in plaats van een halstertouw. Dit heeft alles te maken met veiligheid en met het feit dat ‘wie beweegt bepaald’. Hiermee bedoelen we dat op het moment dat jij in staat bent de vier voeten van jouw paard te bewegen (bij voorkeur in de voor jou gewenste richting) heb je leiderschap. Wanneer je paard steeds stopt en jij maakt gebruik van een kort halster touwtje, ben je genoodzaakt om vrij direct ook stil te gaan staan. Wat er dan gebeurt is het paard traint jou, hij staat stil, jij staat stil! Wanneer je een wat langere lijn hebt kun je net een paar passen meer door blijven lopen en je paard proberen door wat druk op je lijn op te nemen weer mee te nemen in die paar passen.

Stap 2: Druk opvoeren en loslaten

Zorg er voor dat je tijdens het lopen met je paard in je linker hand je lussen hebt van je lange lijn en je rechter hand op de lijn hebt. Let tijdens het lopen met je paard wel op dat je niet constante druk hebt op de lijn maar juist een ‘smiley’. Gebruik alleen druk op de lijn op het moment dat je iets van het paard gaat vragen en laat deze druk los op het moment dat het paard doet wat je van hem vraagt en laat hem ook regelmatig weten wat hij goed heeft gedaan door hem een beloning te geven.

Stap 3 Positie is bepalend

Zorg er voor dat je altijd in een veilige positie loopt. Soms zie je mensen naast de schouder van het paard lopen en lijkt het eerder alsof het paard jou mee neemt in plaats van anders om. Voor diegene die het nog nooit eerder is opgevallen, type op Google eens: ‘veulen met moeder’ in en kijk dan eens goed in welke positie negen van de tien veulens lopen bij hun moeder? Je zult zien dat de meeste veulens daar aan de schouder van hun moeder lopen. Ik ben er van overtuigd dat je aan de schouder van een paard geen leidende positie aan kunt nemen tegen over je paard en je weinig controle hebt. Daarbij is het ook niet de meest veilige positie, op het moment dat je paard schrikt.

Stap 4 Achterwaarts

Hoe bereik je de meest veilige positie? Als het paard steeds de neiging heeft om voor je uit te lopen kun je hem iedere keer als hij met zijn neus voorbij je elleboog/schouder lijn loopt corrigeren en een paar passen achterwaarts zetten. Op het moment dat je je paard achterwaarts gaat vragen draai je je je frontaal naar je paard toe, heb je de lussen van de lange lijn in je rechterhand, je linker hand op de lijn net onder de clip die aan het halster vast zit. Met wat druk op het halster vraag je het paard een pas achterwaarts en iedere pas die het paard achterwaarts zet haal je die druk weg. De druk weg halen is erg belangrijk om je paard te laten weten dat hij deed met de druk wat je van he verwachten. Zet hem drie à vier passen achterwaarts en loop weer voorwaarts. Nu iedere keer als hij voorbij jou schouder/ elleboog lijn loopt ga je hem achterwaarts zetten. Doe dit niet alleen tijdens een training, maar wees hier ook consequent in tijdens het uit stal halen.

Stap 5 Grondwerk aandacht oefening

Weinig controle over je paard? Is hij met alles bezig  behalve jou? Hier een kleine oefening:
Grondwerk Aandacht oefening: zorg dat je een flinke lus hebt in de lijn waarmee je het paard vast hebt, heb je paard dus niet ontzettend strak vast. Ga nu ( bij voorkeur in een veilig omgeving) steeds een scherpe wending maken. Loop opeens weg naar links en je wacht hier niet op je paard. Als je paard echt op jou is gefocust loopt hij zonder twijfelen meteen met je mee naar links. Is hij niet écht op jou gefocust dan zal hij al snel binnen een paar seconden de lijn tegen komen en strak voelen trekken. Neem een beetje druk op de lijn terwijl je rustig door blijft lopen. Op het moment dat het paard een stapje jou richting op zet laat je de druk los en beloon je het paard. Herhaal dit nu een x aantal keer met wendingen beiden kanten. Hiermee ga je de focus van het paard naar je toe halen. Uiteindelijk zal je zien dat het paard jou direct gaat volgen en je helemaal geen druk op de lijn meer nodig hebt om het paard met je mee te vragen.

Stap 6 ‘Make it a game!’

L-shape: daarnaast is de L-shape altijd een erg leuke oefening. Hierbij ga je letterlijk stap voor stap de bewegingen van je paard controleren. De L-shape maak je met 4 drafbalken (in een L vorm). Het idee is dat je het samen met je paard van beide kanten voorwaarts en achterwaarts gaat lopen. Denk hierbij wel dat er een opbouw in je training moet zitten. Loop het paard eerst tot de bocht en zet hem dan achterwaarts voor een paar passen. Als dit goed gaat kun je het paard net in de bocht parkeren en hem achterwaarts zetten. Zo bouw je de oefening op tot je uiteindelijk van beide kanten geheel voorwaarts en achterwaarts zonder buiten de balkjes te stappen door de L-shape kan. Let op! zorg dat je in het begin altijd de achterbenen van het paard al in de L-shape hebt staan voordat je het paard achterwaarts gaat vragen.

Tenslotte:

Vergeet niet dat alle tijd die je met je paard besteed tijd zou moeten zijn om te genieten van wat jullie samen doen! Probeer om iedere sessie op een positieve manier af te sluiten.

 

Mijn naam is Lotte van Rosevelt en ik woonde en werkte  anderhalf jaar in Engeland voor Grant Bazin. Deze ontzettend gave kans had ik te danken aan een voor mij erg inspirerend en motiverend persoon: Annemarie Silvius (van der toorn) en e-quine.com. In Engeland trainde ik samen met Grant Bazin paarden met ‘gedragsproblemen’ en dit allemaal zonder enige vorm van geweld.  Daarnaast heb ik de 3,5 jarige opleiding instructeur Paard & Gedrag van E-quine.com bijna afgerond en de zadelpassers opleiding aan het MSFC. Via Horse in Mind geef ik jullie een kijk in mijn wereld, hoe we werken en hoe ik er achter kom dat hoe meer je leert hoe minder je eigenlijk lijkt te weten. Over iedere dag zou ik een boek kunnen schrijven, maar speciaal voor jullie hou ik het bij een krap A4’tje, of 2.

Hoefsmid: een vak apart

0
Hoefsmid
Hoefsmid

Van je hobby je beroep maken, veel mensen durven bij die gedachte wel al eens wegdromen. Maar waarom niet de koe bij de horens vatten? In CVO Brussel, een bruisend centrum voor volwassenenonderwijs, kan je een opleiding Hoefsmid volgen.

Duur van de opleiding

De mensen die aan deze opleiding willen deelnemen, kunnen op voorhand bepalen binnen welke termijn ze hun diploma willen behalen. Cursisten die voor het intensiefste traject kiezen, komen vier dagen in de week naar de school en kunnen zo alle lesmodules volgen op één jaar tijd. Maar er is ook de mogelijkheid om de lessen te spreiden over twee jaar. In dat geval komen de cursisten twee in plaats van vier dagen per week naar school. Tot slot biedt de school nog de mogelijkheid om de lessen op donderdagavond en op zaterdag te volgen.

Theorie en praktijk

In de opleiding Hoefsmid komt zowel theorie als praktijk aan bod. Tijdens de theorielessen bekijken de cursisten onder andere de anatomie van het paard, leren ze hoe hoeven werken en bestuderen ze de voornaamste hoefziekten. Tijdens de praktijklessen leren de cursisten een hoefijzer maken om dit, in eerste instantie, aan te brengen op dode paardenvoeten. Van zodra ze dit onder de knie hebben, gaan ze aan de slag met levende paarden. Ten slotte volgen de cursisten een korte stage bij een ervaren hoefsmid.

Meer info

Meer informatie en inschrijven voor de infodag: www.cvobrussel.be

Bron: CAP Magazine
Foto: Shutterstock

Belgisch team Lummen bekend

0
Belgisch Team
Pieter Devos © DigiShots
Belgische Bondscoach Peter Weinberg heeft zijn eerste Belgische team bekend gemaakt. Voor de landenprijs van Lummen, die op vrijdag 28 april plaats vindt. Weinberg heeft een team van vijf ruiters samengesteld.

Buiten het team

Opvallend is dat hij de twee goed presterende Belgische ruiters van dit moment:  Gregory Wathelet en Niels Bruynseels buiten het team houdt.

De selectie

Chef d’équipe Peter Weinberg selecteerde de volgende vijf ruiters voor het Belgisch team :
Karel Cox
Pieter De Vos
Jérôme Guéry
Olivier Philippaerts
Constant Van Paesschen


Bron: Galop.be / CAP Magazine
Foto: Digishots / Leanjo de Koster


Boterbloemen in de wei gevaarlijk?

0
Boterbloemen
Boterbloemen in de wei © DigiShots

Vaak staan er boterbloemen in de paardenwei. Paarden eten ze niet, omdat ze een onaangename smaak hebben. Maar ze zijn wel mild giftig. Hoe gevaarlijk is het om boterbloemen in de wei of in gedroogde vorm in het hooi te hebben?

Gedroogd

Op de website van Paardenpunt Vlaanderen, wordt deze vraag beantwoord in de sectie ‘FAQ’. Het antwoord luidt als volgt: Boterbloemen komen veel voor in paardenweiden. Ze zijn mild giftig maar paarden grazen er omheen omdat ze onaangenaam smaken. Wanneer de bloempjes gedroogd worden, verdwijnen de giftige stoffen bijna volledig. Daarom is hooi dat gedroogde boterbloemen bevat wel veilig.

Zure grond

Boterbloemen wijzen op zure grond en dus ook op een kalktekort. Als er veel boterbloemen in uw weide staan, kan u best een bodemonderzoek laten uitvoeren en in functie van dat advies aangepast bemesten en kalken. Afhankelijk van de zuurheid van de grond, kan je kalken in het voor- en najaar of enkel in het najaar.

Kalk

Een goede bestrijdingsmethode is eerst de boterbloemen te maaien en vervolgens kalk te strooien. Laat er daarna een regenbui overheen gaan en dan dient u enkel nog te wachten tot de gemaaide boterbloemen opgedroogd zijn. Opgelet: Eén kalkbeurt is mogelijks niet genoeg.

Weidebeheer

Een aangepaste bemesting (na bodemonderzoek) en een goed weidebeheer (maaien – bloten) kan een teveel aan boterbloemen voorkomen. Heeft u te kampen met een zeer grote hoeveelheid, dan duurt het een paar jaar voordat een aangepaste bemesting en weidebeheer ze volledig zullen doen verdwijnen. Wanneer u in dat geval een snelle oplossing zoekt, kan u chemische bestrijding overwegen. Uw tuincentrum kan u hierover het best informeren.

Bron: Paardenpunt Vlaanderen

Ariat Vortex™: te mooi om waar te zijn?

0
Ariat Vortex™
Ariat Vortex™

Een laars als geen andere is deze Ariat Vortex™. Een optimale combinatie van fraaie vormgevingen en optimaal comfort.

Elegant model

Ariat’s innovatieve Vortex™ laars is schitterende gestroomlijnd en combineert dat met een optimale pasvorm en comfort. Hierdoor is  de ruiter in staat maximaal te presteren. De laars biedt steun waar het moet en is tegelijkertijd soepel waar het kan. Het elegante model van de Vortex™-laars is gemaakt van kalfsleder van topkwaliteit. Het binnenwerk is van van geolied leder met stretchvoering.

Getest door ruiters

Met Ariat premium NITRO ™ technologie voor een optimale prestatie en Shock Shield ™ technologie voor schokabsorptie en comfort. De Vortex ™ wordt ook geleverd met een lichtgewicht Pebax® afwerking voor de hiel en extra stabiliteit voor de middenvoet. De laars beschikt uiteraard over de Duratread ™ zool. Deze is getest door ruiters op draagbaarheid en slijtvastheid.

Topprestaties

Extra aan de laars zijn het elastische paneel over de lengte aan de zijkant. En de premium kwaliteit  YKK® rits over de volledige lengte met bijgewerkte positionering voor een betere pasvorm en een makkelijke instap. Deze innovatieve, unieke en technologisch geavanceerde laars geeft de ruiter de basis die nodig is voor topprestaties.

Meer informatie

Kleur: Zwart
Sizes: 3 – 8 ½
Adviesprijs: 599,90 EUR (vanaf maart verkrijgbaar)
Meer informatie op: www.ariat.com

Dierenkliniek Wolvega: veulentje fokken

0
veulen
veulentje
Met de komst van het mooiere weer zien we hier en daar de eerste veulens al weer in de weide dartelen. Een prachtig gezicht. Maar zo’n veulentje komt er niet zomaar. Dierenkliniek Wolvega legt uit wat er bij het fokken van een veulentje komt kijken.

Goede begeleiding

Merries worden doorgaans als jaarling al de eerste keer hengstig, maar in Europa begint men meestal pas in februari van het derde of vierde levensjaar van een merrie met de fokkerij. Het dekseizoen duurt in ongeveer vanaf februari tot eind juli. Als je een veulen wilt fokken is het belangrijk om goede begeleiding van de dierenarts te krijgen en zal dus regelmatig de dierenarts op het erf komen om de merrie op te  voelen of te scannen. En dan zijn er tegenwoordig ook nog allerlei kunstmatige voortplantingstechnieken mogelijk.

Eisprong

De cyclus van een warmbloed merrie duurt gemiddeld 21 dagen. De hengstigheid duurt gemiddeld 5-7 dagen. Daarin bevindt zich de vruchtbare periode waar binnen het paard gedekt moet worden: 24 uur voor het einde van de hengstigheid vindt namelijk de eisprong plaats. Vroeg in het seizoen, januari en februari, zijn veel merries nog opstartend en is er wel activiteit binnen de geslachtsorganen, maar blijft de eisprong uit. Dit wordt de transitionele fase genoemd. Dit leidt soms tot (storend) lang hengstig gedrag: de hengstigheid is dan verlengd. De meest vruchtbare periode ligt voor een merrie tussen april en juli. Dit is evolutionair logisch omdat een merrie met een draagtijd van gemiddeld elf maanden dan tussen maart en juni in het volgende jaar haar veulen zal krijgen. Een periode waarin het meeste voedsel beschikbaar is in de natuur, de temperaturen ideaal zijn voor een jong veulen en het veulen krachtig genoeg is om de eerste winter te doorstaan.

Hengstige merrie
Hengstige merrie

Oestrogeen

Een hengstige merrie kun je herkennen aan rusteloos gedrag, vaak plassen, of een plashouding aannemen terwijl ze de staart opzij houdt en ‘blitzt’ met haar vulva en clitoris, ook wel knipogen genoemd. Hengstig gedrag wordt veroorzaakt door het hormoon oestrogeen. Dit wordt geproduceerd door grote ‘dominante follikels’. Follikels zijn de blaasjes waar de eicellen van een merrie zich in bevinden op de eierstokken.

Schouwen

Een belangrijk onderdeel van vruchtbaarheidsbegeleiding is het schouwen: hierbij wordt gelet op de reac-tie van de merrie op de aanwezigheid van een hengst. Wanneer een merrie niet hengstig is, zal zij de hengst afslaan, vaak onder krijsend gehinnik. Een optimaal hengstige merrie die zeer dicht bij de eisprong is, zal niet afslaan, de staart omhoog doen en urineren. De urine verandert tijdens de hengstigheid van hel-der tot troebel tot jus d’orange kleurig. Bij jonge merries en merries met jonge veulens aan de voet is het schouwen moeilijker te interpreteren: ze zijn bang voor de hengst, gestrest, of erg druk met hun veulen en laten dan weinig hengstigheid zien tijdens het schouwen.

In beeld brengen

Tijdens de hengstigheid wordt een merrie meestal meerdere keren rectaal opgevoeld en rectaal gescand door een dierenarts om haar cyclus in beeld te brengen. Op deze manier kan bepaald worden wanneer ze gedekt moet worden, of er een eisprong heeft plaatsgevonden en na de hengstigheid of ze drachtig is. Bij het opvoelen wordt er voornamelijk gelet op de structuur van de baarmoeder, de zachtheid van de baar-moedermond en de activiteit op de eierstokken. Voor de grootste kans op dracht is het belangrijk om zo dicht mogelijk op het moment van de eisprong te dekken of insemineren. Hiervoor wordt onder andere de echo gebruikt.

Dominante follikels

De eierstokken van een hengstige merrie bevatten meestal één of twee grotere follikels. De doorsnede van deze follikels wordt opgemeten met behulp van de echo en samen met de zachtheid van de follikels wordt het moment van de eisprong voorspeld.  Bij warmbloeden zijn dan de follikels meestal 40-50 mm groot. De oestrogenen uit de dominante follikels zorgen naast het bovengenoemde hengstige gedrag ook voor inwendige veranderingen. De belangrijkste hiervan is het ontstaan van oedeem (waterzucht) in de baar-moeder. Dit kan gevoeld worden met opvoelen, maar ook in beeld gebracht worden met de echo: het zoge-naamde ‘wagenwiel’ of ‘doorgesneden sinaasappel’. Dit oedeem is maximaal zichtbaar 1-2 dagen voor de eisprong, en wordt dus ook gebruikt door de dierenarts om te bepalen wanneer de eisprong er dan ongeveer zal zijn.

Ovulatoire follikel
Ovulatoire follikel
Oedeem in baarmoeder
Wagenwiel, duidelijk oedeem in baarmoeder

Gezond

Echografisch onderzoek van de baarmoeder en de eierstokken is ook belangrijk om te bepalen of het geslachtsapparaat er gezond uit ziet. Enkele afwijkingen die tot verminderde vruchtbaarheid kunnen leiden, die de dierenarts met de echo in beeld kan brengen zijn: baarmoederontstekingen, baarmoedercystes, afwijkende follikels en tumoren van de eierstokken.

Goede kwaliteit

Wanneer de dierenarts verwacht dat een merrie binnen korte tijd een eisprong zal hebben, wordt er meestal besloten om die dag sperma te bestellen bij de hengstenhouder, zodat de merrie op tijd geïnsemineerd kan worden. De meeste merries worden  met vers sperma geïnsemineerd. Gekoeld vers sperma van goede kwaliteit, dat op een juiste manier wordt behandeld, is gemiddeld 24-48 uur vruchtbaar. Wanneer men dit sperma op tijd bestelt voor een merrie (lees: voor 9 of 10 uur ’s morgens!) dan wordt het die dag afgenomen op het hengstenstation.

Verdund

Het portie sperma wordt meestal verdund en vervolgens verdeeld over de merries waarvan de eigenaren voor de betreffende hengst gekozen hebben. Het sperma wordt verwerkt, gecontroleerd en in porties met een gecontroleerde, minimale hoeveelheid levende en bewegende spermacellen verdeeld, waarna het gekoeld gebracht wordt naar de merriehouder en geïnsemineerd wordt door de hengstenhouder of het wordt op het hengstenstation waar de merrie bijvoorbeeld gestald staat door de dierenarts gedaan.

Baarmoedermond

De merrie wordt geïnsemineerd met een pipet die in de baarmoedermond wordt gebracht zodat het sperma in de baarmoeder terecht komt. Het is heel belangrijk om hierbij hygiënisch te werken. De eicel wordt be-vrucht in de eileider en het vruchtje komt enkele dagen later in de baarmoeder terecht.

Minder lang vruchtbaar

Dekken met sperma dat in stikstof is diepgevroren vereist een ander inseminatie protocol, aangezien dit sperma door het invriezen en ontdooien minder lang vruchtbaar is: 12 uur gemiddeld. Hierbij timet je die-renarts idealiter het inseminatiemoment maximaal 6-8 uur na de eisprong. Het is dan ook nodig om merries die geïnsemineerd moeten worden met diepvriessperma 3-4 maal daags op te voelen en te scannen. Meestal worden merries hiervoor tijdens de hengstigheid enkele dagen op de dierenkliniek of het hengstenstation gestald en worden ze behandeld met hormonen die de eisprong kunnen stimuleren en dus een beter gecontroleerde timing toelaten.

Schoon

Met behulp van de echo wordt meestal 1-2 dagen na de dekking met vers sperma gekeken of er een eisprong heeft plaatsgevonden en of de baarmoeder schoon is van binnen. Als er nog geen eisprong heeft plaatsgevonden 48 uur na een dekking met vers sperma dan zal er dezelfde dag nog een dekking volgen. Het is daarom belangrijk om deze controle voor 9.00 uur ’s morgens uit te voeren zodat er nog sperma besteld kan worden bij de hengstenhouder.

Vruchtje

Nadat de merrie is geïnsemineerd en er een eisprong heeft plaatsgevonden moet de merrie op ongeveer 17-18 dagen na de eisprong opnieuw gescand worden om een eventuele dracht vast te kunnen stellen. Het vruchtblaasje is dan gemiddeld 2,5 cm groot en het embryo zelf is dan nog niet zichtbaar. Als de merrie niet drachtig is, is zij meestal alweer net begonnen aan de volgende hengstigheid en wordt de begeleiding voor de volgende inseminatie opgestart. Wanneer een merrie ongeveer vier weken drachtig is, is het verstandig om haar nog een keer te scannen. Het ongeveer één centimeter grote vruchtje is nu zichtbaar in de vruchtblaas en ook het kloppende hartje is te zien.

Abortus

Wanneer er een dubbele eisprong heeft plaatsgevonden, is het belangrijk om de merrie al op de 14-16e dag na de eisprong te laten scannen. De vruchtblazen zijn dan ongeveer 1,5 cm groot en een mogelijke twee-lingdracht kan vanaf dan gezien worden. Tweelingdracht is niet wenselijk bij het paard om meerdere rede-nen. Het resulteert meestal in abortus van één of beide vruchten doordat één of beide veulens overlijdt door een tekort aan goed werkzaam placentaoppervlak en dus aan een voedings- en zuurstoftekort. Het leidt maar in 20% van de gevallen tot één gezond veulen en in 14% van de gevallen tot de geboorte van twee veulens. Vandaar dat één van de twee vruchtblazen verwijderd zal worden door de dierenarts. De kans dat het lukt om één vruchtblaasje te verwijderen en de andere heel te houden en dat de merrie dus één gezond veulen zal voldragen is in dit stadium van de dracht veruit het grootste.

Zestig dagen

Hengstigheidsgedrag tijdens de dracht? ‘Oh nee, is de dracht misschien opgebroken?’ Niet altijd. Soms is het de ontwikkeling van het veulen wat tot hengstigheidsgedrag leidt. Vanaf zestig dagen dracht kan de vrucht zelf oestrogenen produceren die hengstigheids symptomen bij de merrie kunnen geven. Toch is het absoluut verstandig om bij twijfel de merrie nogmaals te laten opvoelen en scannen. Aan het einde van het dekseizoen of als de merrie drie maanden drachtig is, is het verstandig om de merrie nog een keer te scan-nen. De kans dat het vruchtje afsterft, is in deze periode het grootst en wordt vaak door de eigenaar niet opgemerkt mede omdat de merrie niet automatisch hengstig wordt hierna.

Baarmoederkwaliteit

Embryotransplantatie (ET) is een techniek die wereldwijd al zeer veel wordt toegepast bij merries. Het is een oplossing voor merries die actief in de sport worden gereden, maar waar men tegelijkertijd veulens van wil fokken. Ook kan je door middel van ET van één merrie meerdere nakomelingen per jaar fokken. Sommige merries hebben problemen met de dracht te voldragen, bijvoorbeeld door hun baarmoederkwaliteit of door hun leeftijd en algemene gesteldheid. Als men van deze merries nog een veulen wil fokken kan ET een optie zijn.

Speciale slangen

Bij ET wordt het embryo uit de baarmoeder van de donormerrie gespoeld en ingebracht bij een draagmoe-der waarvan de cyclus synchroon loopt. Het embryo wordt uitgespoeld tussen dag 6-8 na de eisprong, het embryo is dan aangekomen in de baarmoeder en nog niet ingenesteld in de baarmoederwand. Het is dus belangrijk om precies te weten wanneer de eisprong heeft plaatsgevonden. Het embryo wordt via speciale slangen met steriele vloeistof uit de baarmoeder gespoeld en steriel opgevangen in een filter. Onder de microscoop wordt gekeken of er een embryo uitgespoeld is (het is ongeveer 1,5 mm groot) en of het er gezond uitziet. Het embryo wordt dan gewassen en klaargemaakt voor transplantatie naar de draagmerrie. Deze merrie wordt 8-10 dagen na de ET gescand, vergelijkbaar met een merrie die op natuurlijke wijze drachtig is geworden.

Bevruchting

Een recent ontwikkelde voortplantingstechniek voor het paard, die nog maar op enkele specialistische die-renklinieken ter wereld commercieel bij paarden wordt uitgevoerd, is de combinatie van ‘OPU’: ovum pick-up & ‘ICSI’: intracytoplasmatische sperma-injectie. Bij OPU worden meerdere eicellen van net ge-storven merries, waar men toch heel graag nog een veulen van wil, of van onvruchtbare merries (vanwege eileider- of baarmoedermondafwijkingen, of vanwege chronische baarmoederontstekingen) onder echobe-geleiding afgenomen uit de eierstokken met een injectienaald via de vagina of via de buikwand. Dan zijn er twee opties voor de bevruchting van zo’n eicel. Dit kan in een draagmerrie door eiceltransfer: hierbij wordt de rijpe eicel operatief in de eileider van de net geïnsemineerde draagmerrie gebracht. Optie twee is dat de eicel wordt bevrucht buiten het paard in het laboratorium.

Kosten erg hoog

IVF (in vitro fertilisatie), waarbij het sperma en de eicel simpel gezegd samen in een buisje worden ge-bracht, is niet succesvol gebleken bij het paard. Daarom gebruikt men nu ICSI. Hierbij wordt één sperma-cel met een microscopisch klein pipet in de eicel gebracht. Na de ICSI kan de bevruchte eicel operatief worden overgebracht naar de eileider van een draagmerrie of ze kunnen in het laboratorium enkele dagen doorgroeien en als 7-9 dagen oud embryo in de baarmoeder van een draagmerrie gebracht worden. De kosten van de benodigde materialen en de technieken zijn nu nog erg hoog en de slagingspercentages zijn eer-der laag: 6-41%. Om van OPU en ICSI een efficiënte techniek te maken, die op meer plekken ter wereld gebruikt kan worden, zal er nog veel onderzoek moeten gebeuren.

Veulen
Veulen na keizersnede

Friese paarden

Bij sommige rassen, bijvoorbeeld bij Friese paarden komen vaker dwarsliggingen voor dan bij andere ras-sen. Hierbij ligt het veulen afwijkend in de baarmoeder. Het veulen ligt met de schoft of rug tegen de baarmoedermond aan en meestal steken de beide voorbenen in één baarmoederhoorn en de beide achterbe-nen in de andere baarmoederhoorn. Het veulen kan prima groeien op deze manier tijdens de dracht, maar het zal er nooit zelf uit kunnen komen. Wanneer de dierenarts tijdens de geboorte van het veulen merkt dat het veulen in dwarsligging ligt, moet je direct worden doorgestuurd naar een gespecialiseerde paardenkli-niek om daar een keizersnede uit te laten voeren. Een keizersnede gebeurt bij het paard altijd onder algehe-le narcose in tegenstelling tot de keizersnede bij het rund.

veulen
Merrie en veulen na keizersnede

Baarmoederontsteking

Na het veulenen hoort de nageboorte er binnen 3-4 uur volledig af te komen. Wanneer dit niet het geval is, spreken we van ‘aan de nageboorte staan’. Koudbloeden, waaronder Friese paarden, staan vaker aan de nageboorte dan warmbloeden en volbloeden. In sommige wetenschappelijke studies zag men dat wel 54% van de Friese merries aan de nageboorte bleef staan. De merrie kan hierdoor baarmoederontsteking krijgen, hoefbevangen raken en levensbedreigend ziek worden. Wanneer de nageboorte er niet volledig of niet op tijd af is gekomen, moet direct contact worden opgenomen met de dierenarts.

De Natuur

Tot slot: geniet vooral van het schitterende plaatje als de natuur zijn werk heeft gedaan en jouw merrie een dartel veulen aan de voet heeft!

De auters:

Cathérine Delesalle en Marco de Bruijn zijn dierenarts en Europees specialist inwendige ziekten. Delesalle is verbonden aan de Universiteiten van Utrecht en Gent. De Bruijn is mede-eigenaar van Dierenkliniek Wolvega.

Tekst: Cathérine Delesalle en Marco de Bruijn
Foto’s: Cathérine Delesalle en Marco de Bruijn / Digishots

ANKY® presenteert de nieuwe zomercollectie

0
Anky
Anky jack Sporty Chic
De zomer hangt weer in de lucht, zodra de eerste zonnestralen doorkomen, heb je zin om weer lekker naar buiten te gaan. ANKY® wil dit fijne gevoel overbrengen met de nieuwe zomercollectie.

Ibiza Style

Met de krachtige kleur DENIM BLUE, zachte pastelkleuren en glanzende kleuren die oplichten in de zon. Ibiza Style en geometrische prints bepalen het gezicht van de collectie.
Het ANKY® jack Sporty Chic is echt een ideaal jack dat in uw zomergarderobe niet mag ontbreken. De soepele polyester buitenstof combineert uitstekend met de gemêleerde ribstof van de mouwen en het achterpand. De mooie belijning van het jack zorgt voor een slank silhouet. De kraag kan op verschillende manier gedragen worden voor een klassieke of meer sportievere uitstraling. Het jack is uitermate functioneel door het stretchmateriaal dat ook winddicht, ademend en warmte-isolerend is.

Verkrijgbaar

Het ANKY® jack Sporty Chic is verkrijgbaar in de kleuren DENIM BLUE en SPARKLING SILVER in de maten XXS t/m XXL. Adviesprijs € 109,95

Meer informatie: https://anky-atc.com/

Nederlands beste dressuurpaard verkocht

0
Arlando

Arlando N.O.P., het beste Nederlandse dressuurpaard van het moment, is verkocht naar Denemarken. Zo meldt dehoefslag.nl op haar website. Ruiter Diederik van Silfhout ziet zijn paradepaardje vertrekken naar de jonge amazone Anna Zibrandtsen.

Rotterdam

‘Nee het is niet makkelijk, ik heb het er moeilijker mee dan ik op voorhand dacht. Maar aan de andere kant is dit mijn eigen keuze’, vertelt Diederik met zijn kenmerkende nuchterheid. ‘In Rotterdam verleden jaar had ik een gesprek met eigenaren Aat en Lida Both. Met hen had ik altijd contact over Arlando. Zij communiceerden dan vervolgens weer richting de mede-eigenaar Siem Kat.  Ik vroeg aan Aat en Lida wat de bedoeling was na Rio. Aat  gaf aan dat het mijn keuze was. Als ik Arlando wilde houden, dan mocht ik hem houden.’

Kerngezond

‘Ik heb er rustig over nagedacht. Natuurlijk is Arlando een absoluut toppaard, en ben ik met een Arlando in vorm vrijwel verzekerd van een plaats in het team voor de grote kampioenschappen. Aan de andere kant realiseerde ik me dat we als combinatie op onze top zaten. Met vele goede ritten als resultaat, en vele sportieve hoogtepunten. Maar heel veel beter zou het  niet meer worden.  Daarbij is hij nu nog op een mooie leeftijd om te verkopen en kerngezond.  Ik heb het er thuis over gehad, en de knoop doorgehakt om hem te verkopen. Nogmaals makkelijk is dat beslist niet. Maar het is wel mijn keuze geweest, en ik heb er naar toe kunnen leven.’

Helgstrand Dressage

Eenmaal de keuze gemaakt ging het allemaal snel. ‘Aat heeft Helgstrand Dressage benaderd. Het gaat natuurlijk om veel geld, en Arlando is een speciaal paard. Al moet ik over dat laatste zeggen, dat hij inmiddels in de africhting zover is, dat je er eigenlijk zo mee weg kan rijden. Via  Helgstrand Dressage kwam Anna Zibrandsten in beeld. Al vanaf de eerste keer dat ze hem probeerde, reed ze er zo mee weg. De rest is inmiddels bekend. Ik ben heel blij met Anna als nieuwe amazone. Bij haar krijgt Arlando een super verzorging en komt hij aan niets te kort’, vervolgt Diederik.

Upcoming

Helgstrand Dressage heeft het hele verkooptraject begeleid. ‘We zijn er trots op dat een eigenaar van een Nederlands paard dat bij de absolute wereldtop hoort ons benaderd heeft, met het oog op verkoop. Dankzij ons netwerk weten we welke ruiters naar een paard van dit kaliber op zoek zijn. De hele samenspraak en benadering in absolute openheid door alle partijen, heeft voor ervoor gezorgd, dat we een deal hebben gemaakt waar iedereen tevreden over is’, vertelt Per Jensen namens Helgstrand Dressage. ‘Extra mooi is het daarbij voor ons -Denen- dat zo’n toppaard bij een upcoming talentvolle Deense amazone terecht komt. De nieuw gevormde combinatie  kan van toegevoegde waarde zijn voor het Deense team’. Met de verkoop is het verhaal nog niet af. ‘Heel belangrijk voor Helgstrand Dressage is dat na verkoop het totale management overgedragen wordt, zodat het paard alle kansen krijgt om op zijn niveau te blijven. Ook Diederik vindt dit heel belangrijk, en neemt dit stukje overdracht van management en training heel serieus’.

Nederlands boegbeeld

De verkoop van Arlando is -zakelijk en zelfs sportief gezien- begrijpelijk. Het  betekent echter wel een aderlating voor de Nederlandse dressuursport. Niet voor niets maakten Diederik en Arlando deel uit van het WK-team in Normandie (teambrons), het EK-team in Aken (teamgoud) en het OS-team in Rio (geen medaille). Diederik en Arlando werden daarbij het afgelopen jaar Nederlands kampioen, en wonnen zowel de Grand Prix als de Kür op muziek tijdens hun laatste internationale optreden in Maastricht in november verleden jaar.

Four Seasons

Hoewel Diederik de keuze om Arlando te verkopen zelf maakte, zit hij nu zonder teampaard. Of niet? ‘Dat durf ik voor dit jaar niet te zeggen. Als ik het af krijg, dan is er veel mogelijk. Ik heb een heel compleet Grand Prix paard, dat ik nog maar één keer op dit niveau startte. We zullen afwachten hoe hij zich dit aankomende seizoen ontwikkelt’, vertelt Diederik voorzichtig, terwijl hij op de Westfaals gefokte Four Seasons (v. Fürst Picollo) doelt. Diederik: ‘En verder heb ik natuurlijk nog verschillende paarden, die er aan zitten te komen. Waaronder inderdaad de hengst Expression (v. Vivaldi, red.). Maar ik ga niets overhaasten, ik neem de tijd die nodig is. Dat heb ik met Arlando ook altijd gedaan, en dat werkt het beste.’

Bron: Hoefslag

Foto: Leanjo de Koster

Blog Cindy Handschoewerker: ‘Basic principal Standing Still and Straight’

0
Cindy Handschoewerker
Cindy Handschoewerker

‘Je paard in een ontspannen houding laten stilstaan naast je, een opdracht die simpel lijkt maar voor veel paardenmensen nog een ganse uitdaging is. Vaak zie je dat paarden niet willen stilstaan, onrustig zijn of geen respect hebben voor hun begeleider.’

Rang in hiërarchie

‘Een paard denkt voorwaarts en zeker in stress situaties willen ze niet blijven staan want in de natuur zouden ze dit zeker ook niet doen, het enige waar het paard dan aan denkt is vluchten. Onrustig gedrag of geen respect tijdens het stilstaan is ook een reflexie van welke rang je volgens je paard krijgt binnen de hiërarchie. Een paard gaat deze rang bepalen door je te gaan testen op je bewustzijn, hij gaat kijken naar je reacties wanneer hij o.a. zijn schouder in jou richting brengt. Maak je ruimte voor deze beweging of blijf je staan en corrigeer je de schouder?’

Chris Irwin

Verder doet een paard dit ook door zijn hoofd binnen jouw persoonlijke ruimte te brengen of door lijnen te kruisen, dit kan gaan van een paard dat gewoon niet wil blijven stilstaan tot een paard dat bijna letterlijk over zijn begeleider heen loopt. Tijdens mijn trainingen maak ik gebruik van de methode van Chris Irwin, deze bestaat uit technieken die één voor één paardvriendelijk, zuiver en gedetailleerd zijn. Het is Horsemanship waarbij er nagedacht wordt over wat we voor ons paard kunnen betekenen in plaats van wat ons paard voor ons kan betekenen.

Lichaamshouding correct

Wanneer we trainen om een paard naast ons te leren stilstaan, letten we er vooral op dat het paard vanuit een ontspannen houding mooi recht en evenwijdig ten opzichte van ons eigen lichaam staat. We letten er ook op dat onze eigen lichaamshouding correct en ontspannen is waardoor we zelf geen verkeerde druk of energie naar ons paard toe overbrengen.

Rustgevende stof

De ontspanning vragen we door het hoofd neerwaarts te vragen zonder dat we aan ons touw gaan trekken, we zetten enkel een blok met onze hand wanneer het paard zijn hoofd naar boven wil brengen. Wanneer het paard hier moeite mee heeft gaan we een lichte neerwaarts masserende druk op ons touw gaan zetten en eventueel in combinatie met het buigpunt te masseren waarbij het hoofd neerwaarts gaat volgen. Wanneer het hoofd naar beneden gaat, gaan de ruggenwervels zich open zetten waarbij de rustgevende stof endorfine vrij komt en via het neurosysteem naar de hersenen gaat. Je zal zien dat je paard zachter wordt in zijn gelaatsuitdrukkingen, soms letterlijk de stress van zijn hals afschudt en vaak ook begint te geeuwen.

Uitnodigen

Het hoofd houden we recht door te blokkeren ter hoogte van de mondhoek wanneer het paard zijn hoofd binnen onze zone brengt, wanneer het paard zijn hoofd van ons weg brengt gaan we het hoofd terug vragen door het buigingspunt achter de schouder aan te raken ter hoogte van de singellijn. Wanneer een paard onze lijnen gaat kruisen gaan we het paard niet tegen houden door aan het hoofd te gaan trekken maar wel door de achterhand naar buiten te verplaatsen waarbij we met een correcte inbuiging in ons lichaam van het paard weg stappen en het op deze manier uitnodigen om terug te volgen.

Onderling in de natuur

Al deze technieken zijn gebaseerd op hoe paarden elkaar onderling in de natuur gaan benaderen vanuit hun lichaamstaal, technieken die we dus niet eerst moeten aanleren maar die een paard vanuit zichzelf reeds begrijpt.

Methode

Heeft deze blog ook u kunnen overtuigen van deze bijzondere methode en wil u meer leren over de Chris Irwin methode? Meer info www.thehorsesense.com

 

Bron: CAP Magazine, overname zonder toestemming én bronvermelding niet toegestaan

Foto: Cindy Handschoewerker

Hoefslag abonnementen

Tour Classique de Elderschans, mooie koetsentocht over 25 kilometer

0
Paard voor koets
Paard voor de koets

Een mooie grensoverschrijdende koetsentocht voor traditie rijtuigen vindt op 30 april plaats. De AFA (Frankrijk), BDA (België) en de NVTG (Nederland) werken voor de gelegenheid samen onder de naam ‘Tour Classique de Elderschans’.

25 kilometer

De rit is ongeveer 25 kilometer lang. Onderweg is er een aperitief- en lunchstop en na afloop is er een verzorgende receptie. De inspan- en startplaats is in Eede (NL).

Op uitnodiging

Deelname vindt op uitnodiging plaats, echter leden van de NVTG, de BDA en de AFA kunnen zich inschrijven, al is er een beperkt aantal plaatsen beschikbaar. Inschrijfformulier en meer informatie kan worden aangevraagd via Bert en Mieke Lockefeer (bert@lockefeer.nl)

Bron: Mensport.nl

Foto: Digishots

Comfortabel en stijlvol de zomer in met BR

0
BR
BR Zomer collectie, Jack Oriole
De nieuwe BR voorjaarscollectie zit vol stijlvolle, comfortabele items. Je kunt kiezen uit ingetogen of juist opvallende kleuren en verschillende materialen.

Jack Oriole

Het BR jack Oriole heeft een normale pasvorm en is vervaardigd van stretch polyester voor extra comfort. Een mooi detail is het glanzende sierband op de mouwen en aan de binnenzijde van de afneembare capuchon. Verder is het jack voorzien van een gekleurde 2-zijdige rits sluiting met windflap en een kinbeschermer.  Je combineert het jack BR Oriole moeiteloos met een fijn BR poloshirt of een BR T-shirt uit dezelfde collectie. Het BR jack Oriole is verkrijgbaar in de kleuren BLACK en FUCHSIA in maat XXS t/m XXL.
Adviesprijs € 89,95

Zowel ruiter als paard

BR biedt collecties voor zowel ruiter als paard. Naast de kleding zijn er ook dekens, zadeldekken, peesbeschermers, strijklappen en andere accessoires voor het paard verkrijgbaar.
Bron: BR / CAP Magazine
Foto: BR

Finale vrijspringen tweejarigen tijdens Jumping Mechelen

0
Jumping Mechelen
Jumping Mechelen
Jumping Mechelen 2016 is nog niet zo lang voorbij maar het organisatiecomité kijkt nu al vooruit naar de editie van 2017. Wendy Wauters, die verantwoordelijk is voor het vrijspringen, is verheugd de samenwerking met verschillende wedstrijden vrijspringen voor tweejarige paarden te kunnen aankondigen.

Halve finale in Mechelen

De onderstaande wedstrijden vrijspringen zullen de selectiewedstrijden worden voor de halve finale die door Jumping Mechelen wordt georganiseerd begin december.
Afhankelijk van het aantal inschrijvingen zullen 15 tot 25 % van de deelnemers van elke selectiewedstrijd een ticket krijgen voor de halve finale, de best geklasseerde van de halve finale mogen door naar de finale tijdens Jumping Mechelen.

Orak d’Hamwyck

De winnaar van 2016, Orak d’Hamwyck, een BWP zoon van Tobago Z x Toulon, won de National Free Jump Contest in Ternat waar hij een wild card kreeg voor Jumping Mechelen. Dit jaar dus geen wild cards maar een traject met selectiewedstrijden, een halve finale en een finale op Jumping Mechelen.

De selectiewedstrijden

26/08 Championnat open de Wallonie – Ghlin
30/09 Flanders Free Jump – Zilveren Spoor Moorsele
08/10 Flanders Mare Auction Free Jump Contest – Azelhof Koningshooikt
01/11 Belgian Youngster Trail – Stal Hulsterlo Meerdonk
11/11 National Free Jump Contest – Stal Vanderhasselt Ternat
Halve Finale Jumping Mechelen begin December – Plaats en datum nog te bepalen
Bron: CAP Magazine / Jumping Mechelen
Foto: Jumping Mechelen

Magnesium tekort bij paarden: feit of fabeltje?

0
magnesium

Het extra bijvoeren van magnesium is in trek bij paardenhouders. Het zou nerveuze paarden kalmeren. Maar is dat nou echt wel zo nodig?

Zeldzaam

Als we kijken naar de gemiddelde ruwvoerwaarden dan zien we wel dat de magnesiumwaarden wel eens aan de lage kant zitten, maar tekorten zoals die bijna normaal zijn bij selenium, koper en zink zijn zeldzaam.

Zweet

Een paard dat weinig tot geen arbeid verricht zal dan ook niet zo snel een tekort aan magnesium opbouwen als het alleen ruwvoer te eten krijgt. Maar wat gebeurt er als een paard zweet, arbeid verricht en/of stress heeft? Dan wordt de uitscheiding van magnesium verhoogd waardoor ook de behoefte toeneemt.

Nerveus gedrag

Magnesium heeft vele functies in het lichaam. Twee daarvan zijn het ontspannen van de spieren en de prikkelgeleiding van de zenuwen. Gespannen en nerveus gedrag zijn dus geregeld de eerste symptomen voor een magnesiumtekort. Lastig is dat een magnesiumtekort moeilijk in het bloed wordt vastgesteld, omdat het een intracellulair mineraal is dat bij tekorten wordt aangevuld vanuit de botten en dus normale waarden in het bloed geeft. Urine of een spierbiopt zijn dan meer geschikt voor een diagnose.

Voermanagement

Magnesium geef je niet snel teveel, een tekort geeft een verhoogd risico op blessures en is een aantasting van het welzijn door de verhoogde stressreacties. Een overdosering kan tot diarree leiden. Een organische magnesiumverbinding (citraat, acetaat, chelaat) heeft de voorkeur omdat dat beter opneembaar is en minder ballaststoffen geeft. Maar vaak is een probleem in het rantsoen niet langdurig met één stof opgelost en dient het hele voermanagement te worden nagelopen.

Bron: Hoefslag