Home Auteurs Posts van Karin de Haan

Karin de Haan

45 POSTS 0 REACTIES
Karin de Haan is hoofdredacteur van CAP Magazine en Hoefslag. In het verleden was ze als freelancer betrokken bij verschillende andere hippische magazines, websites en social media platforms. Karin heeft zelf dressuurpaarden (KWPN) en pony's (voor haar kinderen).

Bijzondere fokkerij gebroeders Phillipaerts

0
Nicolai Philippaerts en Chilli Willi
Nicolai Philippaerts en Chilli Willi

Voordat Chilli Willi en H&M Legend of Love de toppaarden van respectievelijk Nicola en Olivier Phillipaerts werden, brachten ze eerst een dochter voort, namelijk Child of Love. Dat maakte World of Showjumping  bekend.

Ongelukje

Hoewel hij nu apetrots is, was de Duitse fokker Gerald Nothdurft in eerste instantie niet zo blij toen hij vernam dat zijn toen 3- en 4-jarige Chilli Willi en Legend of Love elkaar hadden opgezocht toen hij op vakantie was. Dit resulteerde in het ‘ongelukje’ Child of Love. Maar nu is hij erg blij met de merrie, die inmiddels zelf moeder is van Gem Twist’s kloon Gemini.

Lees meer op World of Showjumping

Foto: DigiShots

Anatomisch gevormde BR singels met schapenvacht

0
Anatomische gevormde singels van BR
BR singels
De anatomisch gevormde BR singels Walsall, Harlow en Lincoln hebben een zachte voering van natuurlijke schapenvacht. Deze comfortabele voering verdeelt en vermindert de druk van de singel en voorkomt bovendien drukplekken en oververhitting.

Paarden met gevoelige huid

De medicinaal gelooide schapenvachten zijn bovendien hygiënisch, zweetbestendig en geven bacteriën geen kans. Daardoor zijn ze bijzonder geschikt voor paarden met een gevoelige huid. De anatomische vormgeving van deze BR singels geeft het paard optimale bewegingsvrijheid.

D-ringen

Ook blijft het zadel hierdoor goed en recht op het paard liggen. De singels zijn voorzien van D-ringen, waaraan eventuele hulpteugels of een voortuig bevestigd kunnen worden. De schapenvacht voering is volledig afneembaar met behulp van klittenband en wasbaar op 30°C.

Verkrijgbaarheid

De dressuursingel  BR Lincoln is verkrijgbaar in zwart/naturel in de maten 50 t/m 80 cm.
Prijs:  € 129,95.

De BR Walsall met vaste buikflap en de BR Harlow zijn verkrijgbaar in zwart/naturel en tobacco/naturel in de maten 115 t/m 145 cm.
Prijzen:  € 239,95 en € 149,95.

Welk strooisel in de winter

0
Strooisel bij Stal Pieter Devos
Strooisel bij Stal Pieter Devos

Strooisel in een box. Het is de gewoonste zaak van de wereld. Toch is het goed er in de winter nog even extra bij stil te staan.

Winter

Voor normale boxen wordt stro, vlas, houtkrullen of kokosvezel aangeraden. In de winter is het vaak wat kouder en frisser. Stro geeft extra warmte. Paardenboxen moeten regelmatig goed worden uitgemest en opgestrooid. Tarwestro is goedkoop en doordat de paarden er van kunnen knabbelen helpt het tegen verveling.

Groepshuisvesting strooisel

Vlas, houtkrullen en kokosvezel bevatten weinig stof. Kokosvezel is te vergelijken met vlas. In groepshuisvestingen wordt vaak gewerkt met hennep. Hennep wordt laag op laag opgestrooid, de zogenaamde potstal. Na vier maanden wordt de paardenbox uitgemest. Hennep neemt veel ammoniak op, waardoor de lucht in de stal frisser blijft.

Schuilstallen

Voor schuilstallen wordt vaak stro of zand gebruikt. Ook tegels is mogelijk. In de winter wordt aangeraden stro in de schuilstal te leggen, omdat stro warmte vasthoudt.

Bron: CAP

Foto: Leanjo de Koster / Digishots

Van veulen tot atleet: de rol van voedings- en bewegingsmanagement

0
Merrie met veulen

Genetica en lichaamsbouw zijn zeer belangrijke factoren voor een veulen om uit te groeien tot een topatleet. Dat weet iedere fokker. De managementaanpak rond voeding en training vormt de sleutel om een beloftevolle atleet tot zijn maximale potentieel te laten uitgroeien. Wat vaak onderschat wordt, is de voeding van de drachtige merrie. De invloed van de voeding van de merrie op de gezondheid van het veulen krijgt de laatste tijd meer en meer de aandacht.

Drachtige merrie
Drachtige merrie

Dieet merrie

Recent onderzoek heeft aangetoond dat het dieet van de merrie tijdens de dracht wel degelijke een belangrijke invloed heeft op het veulen, ook na de geboorte. Blijkbaar bestaan er een aantal cruciale episodes tijdens de dracht, welke voedingsvoorwaarden voor de merrie een rechtstreekse rol spelen in het wel of niet ontstaan van gezondheidsproblemen in het latere leven van het veulen. Zo zou een tekort aan koper een rol spelen in het latere ontstaan van OCD bij het veulen. Ook de hoeveelheid energie en de vorm waaronder die wordt aangeboden in het dieet van de drachtige merrie en later van het opgroeiende veulen, speelt een rol in het latere ontstaan van eventuele insulineresistentie.

Suikermetabolisme veulen

Om het helemaal ingewikkeld te maken, heeft ook de voedingsstatus van de merrie (te dik of te dun) en haar genetische blauwdruk invloed op de insulinegevoeligheid van het veulen. Dit is op een heel elegante manier aangetoond in embryotransferstudies, waarbij dravers geboren uit ponymerries, insulinegevoeliger waren, terwijl pony’s geboren uit trekpaarden minder insulinegevoelig waren. Weliswaar was het effect één jaar na de geboorte niet meer meetbaar, toch denkt men dat de voeding en voedingsstatus van de merrie wel degelijk lange termijn invloed heeft op het latere suikermetabolisme van het veulen. Dit is toch wel een belangrijk gegeven om rekening mee te houden bij het management van de drachtige merrie. Blijkbaar spelen genetische factoren dus een belangrijke rol, maar evenzeer omgevingsfactoren. Met een moeilijk woord noemt met dat ‘epigenetica’.

OCD en dieet merrie en veulen

Ook het voorkomen van OCD zou kunnen worden beïnvloed door diëtaire aanpassingen in het rantsoen van de merrie en het opgroeiende veulen. OCD is deels erfelijk bepaald, echter in welke mate dit plaats zal vinden in een bepaald veulen, hangt sterk af van de voeding en beweging van het veulen. Een goed uitgebalanceerd rantsoen en de juiste types energievoorziening tijdens de dracht en in het jonge leven, kan een preventief effect hebben op het ontstaan van OCD. Zo zou OCD in de hand gewerkt worden door diëten die gepaard gaan met hoge bloedsuikerspiegels. En het is algemeen bekend dat het ene paardenras op eenzelfde dieet met veel hogere bloedsuikerspiegels kan reageren dan een ander paardenras. Rantsoenen die hoge bloedsuikerspiegels uitlokken na opname, zijn zeer onnatuurlijk voor een diersoort die door de natuur ontworpen is om permanent te grazen. De hoge bloedsuikerspiegels lokken hormonale reacties uit die een negatieve invloed hebben op de ontwikkeling van beenderen. Ook een relatief te snelle groei, vooral ten tijde van een niet goed uitgebalanceerd dieet (koper en andere mineralen), zou de ontwikkeling van OCD in de hand kunnen werken.

Okfok jonge paarden
Okfok jonge paarden

Sprinter of stayer?

Ieder paardenras heeft zijn eigen unieke samenstelling wat betreft spiervezeltypes. Arabisch volbloeden bijvoorbeeld zijn dé endurancepaarden bij uitstek en hun spieren zijn hoofdzakelijk opgebouwd uit ‘marathon spiervezels’. Quarter horses zijn net het tegenovergestelde en zijn te vergelijken met humane sprint atleten (korte explosieve arbeid). De verschillende spiervezeltypes worden tijdens verschillende periodes in de dracht aangemaakt en ondervoeding in een specifieke periode kan leiden tot onderontwikkeling van dat type spiervezel.

Voeding en luchtwegproblemen

Bij kinderen is uit onderzoek gebleken dat voldoende anti-oxidanten in de voeding tijdens de zwangerschap het ontstaan van luchtwegproblemen in het latere leven, zoals astma, verminderen. De aanmaak van een gave belijning van de longblaasjes en de aanmaak van voldoende elastische vezels in de longen, hangt af van voldoende beschikbaarheid van vitamine A en vetzuren in het dieet tijdens het opgroeien. Ook hebben bepaalde vetzuren een belangrijke rol in het ontwikkelen van het zenuwstelsel en de hersenen. Na de geboorte is het van belang dat de voeding past bij de groei en ontwikkelsnelheid van de verschillende organen. Snel groeiende veulens maken bijvoorbeeld meer bot aan en hebben derhalve meer calcium, fosfor en lysine (essentieel aminozuur) nodig.

Geen eenheidsworst

Te weinig of slechte kwaliteit voeding is een beperkende factor in de ontwikkeling van een individueel paard. En steeds meer en meer komt de wetenschap tot het besef dat deze voedingsbehoeften voor verschillende paardenrassen en te beoefenen sporttakken geen eenheidsworst zijn. Onze inzichten wat dat betreft staan nog maar in de kinderschoenen wat paarden betreft, iets wat je soms zou betwijfelen als je kijkt naar het steeds toenemend aanbod ‘speciale’ krachtvoeders die door firma’s worden aangeboden, zelden door gedegen studies onderbouwd, maar handig gekopieerd uit het gezelschapsdieren ideeën pakket. De wetenschap kijkt naar hoe we de voeding van verschillende leeftijden, rassen en disciplines kunnen optimaliseren. Bij gezelschapsdieren is men wat dat betreft al een heel stukje verder gevorderd met individueel aangepaste rantsoenen voor verschillende leeftijdscategorieën (junior versus senior) en frequent aangetroffen kwaaltjes (overgewicht, gevoelig maagdarmstelsel, gevoelige gewrichten, etc.).

Voeding en opvoeding

Recent onderzoek heeft aangetoond dat sterk emotionele paarden en paarden die overwegend angstig reageren op nieuwe prikkels, minder goed lijken te scoren in leerprocessen. Uiteraard speelt de genetische achtergrond een belangrijke rol in het karakter dat getoond wordt door een paard. We weten allemaal dat bepaalde familiale lijnen bericht zijn om hun ‘heet’ gebakerde paarden. Daarnaast wordt het karakter van het paard gevormd door zijn omgeving en de ervaringen die het opdoet tijdens het leven. Maar wat nieuw is, is dat voeding blijkbaar ook zijn invloed heeft. Er zijn wetenschappelijke aanwijzingen dat het verlagen van de zetmeel en suiker inname en het geven van een rantsoen rijk aan olie en vezels, leidt tot minder gestreste en kalmere veulens na het spenen. Deze veulens zijn ook meer onderzoekend in een reeks van temperamenttesten. Docosahexaenoic acid (een omega 3 vetzuur) is belangrijk voor de hersenfunctie en wordt snel opgestapeld in de hersenen van het ongeboren veulen tijdens het laatste deel van de dracht. Het lijkt noodzakelijk te zijn voor een optimale hersenontwikkeling. Men weet echter nog niet of supplementatie ervan veulens oplevert met positief gedrag.

Voeding tijdens opgroeien

Ook de ideale eiwitsamenstelling voor groeiende veulens is voer voor onderzoek. Welke aminozuren zijn essentieel en welke zijn als eerste de limiterende factor? Een ander terrein van onderzoek is het microbioom. Dit is de samenstelling van de darmflora en de verschillende soorten voeding en supplementen die de darmflora kunnen beïnvloeden. Het bestuderen van de samenstelling van de darmflora laat zien dat veulens reeds vanaf de leeftijd van twee weken vezels kunnen verteren, naast merriemelk. De volledige capaciteit hiervoor wordt op een leeftijd van twee maanden bereikt. Bij andere diersoorten, maar ook bij de mens, blijkt dat het belangrijk is dat de juiste darmflora zich op vroege leeftijd in kan stellen. Het uitstellen of ontbreken hiervan kan leiden tot allergieën en immuun gemedieerde darmaandoeningen op latere leeftijd.

Paarden in de wei
Paarden in de wei

Sportblessures

De belangrijkste oorzaak voor het vroegtijdig beëindigen van een sportieve carrière van een paard zijn sportblessures, zoals pees-, spier- en gewrichtsletsels. Het is zeer belangrijk dat een paard in voldoende mate en op professionele manier wordt getraind en voorbereid op de competitie waaraan het moet deelnemen. Hoe minder oordeelkundig de voorbereiding, hoe groter de kans op blessures. Onderzoek heeft nu ook aangetoond dat de beweging die een paard heeft gehad tijdens de opgroeiende jaren, evenzeer een belangrijke invloed heeft.

Permanente weidegang

Onderzoek naar de microstructuur van de gewrichten van veulens, heeft aangetoond dat veulens die permanente weidegang hebben gehad in hun jeugd, de sterkste gewrichten en beenderen ontwikkelen. De veulens die permanente boxrust kregen in dat onderzoek, hadden een duidelijk inferieur rijpingsproces van hun beenderen en gewrichten. Een vervolgonderzoek heeft de effecten van vroegtijdige training op de beenderen en gewrichten van jaarlingen onderzocht. Hieruit bleek dat vroegtijdige vakkundig gedoseerde training resulteerde in gezondere kraakbeencellen, een gevorderde rijping en sterkere botten. Dezelfde effecten werden gezien in de buigpezen. De pezen van veulens met veel weidegang en vroege training waren dikker en van betere kwaliteit.

Pasgeboren veulens horen niet op stal

Dit is toch wel een eye opener voor veel paardeneigenaren. De verleiding is vaak groot om pasgeboren veulens langere tijd op stal te houden, of als ze juist zeer vroeg in het seizoen geboren worden, juist permanent op stal te houden, omwille van slechte weersomstandigheden. Botten, spieren, pezen en banden zijn geen statische onveranderlijke structuren, maar remodelleren continu onder invloed van belasting. In tegenstelling tot wat je zou denken, is bot geen structuur met een homogene en constante samenstelling, maar reageert het op verschillen in belasting. Daar waar de belasting in een gewricht het hoogst is, heeft het bot en het kraakbeen de sterkste en meest compacte inwendige structuur. Dit wordt reeds in de eerste vijf levensmaanden bewerkstelligd. Vroeg bewegen en veel bewegen is dus het advies.

Voeding van de atleet

Elk trainend paard heeft een rantsoen nodig dat voldoende vezels (ruwvoer) bevat voor een normaal functionerende dikke darm, voor normaal kauwgedrag en het voorkomen van stereotypieën. Daarnaast dient het rantsoen voldoende energie te leveren om aan de dagelijkse energiebehoeftes te voldoen en voldoende essentiële nutriënten te bevatten zoals aminozuren, vitamines en mineralen. Het paard is van nature een continu grazer, niet herkauwend en een typische dikke darm verteerder van ruwvoer. Hiervoor vertrouwt hij op een goed functionerend gebit wat in korte tijd ruwvoer zeer fijn kan malen. Om het maagdarmkanaal gezond en normaal functionerend te houden en om ongewenst gedrag in de vorm van stereotypieën en stress te voorkomen is een minimum van 15 gram droge stof/kg gewicht/dag nodig. Veel van onze topsportpaarden (renpaarden, springpaarden, polopony’s) komen hier zeker niet aan, maar ook veel van de recreatief gehouden paarden niet.

Alleen ruwvoer?

Studies in Zweden hebben aangetoond dat dravers op een acceptabel niveau kunnen trainen en racen op een puur ruwvoerrantsoen van hoge kwaliteit, zonder één gram krachtvoer dus. Kunnen onze topsportpaarden in andere disciplines (eventing, volbloed renpaarden, springpaarden) hun niveau volbrengen op een dergelijk rantsoen? Een mooie onderzoeksvraag voor de toekomst. Een paard is gemaakt om de hele dag door kleine beetjes ruwvoer tot zich te nemen. Het in maaltijden voeren van relatief grote hoeveelheden snel vrijkomende koolhydraten in krachtvoeders, afgewisseld met lange periodes zonder eten, is dus volstrekt onnatuurlijk. Het is dus niet verwonderlijk dat de prevalentie van maagzweren in onze sportpaardenpopulatie hoog is.

Natuurlijke leefwijze

De maag van een paard produceert continu maagzuur, ook wanneer deze leeg is. Ook de bufferende werking van speeksel dat vrijkomt bij kauwen, ontbreekt tussen de maaltijden door. Na de maag komt twaalf tot veertien meter dunne darm die maar zeer beperkt zetmeel kan verteren (mais is dus minder geschikt voor een paard). Een relatief grote hoeveelheid koolhydraten komt dan in de blinde darm terecht. De blinde darm is eigenlijk gemaakt om ruwvoer door vergisting te degraderen om de koolhydraten in de celwanden te kunnen gebruiken. Dit kan de vertering en de gezonde darmflora behoorlijk in de war schoppen.

Concluderend kan worden gesteld dat de sportfysiologie van het paard volop in ontwikkeling is geraakt. Tot voor kort trainden en voedden we onze sportpaarden puur empirisch. Onderzoek zal uitwijzen of dit terecht was en waar we verbetering aan kunnen brengen. Eén ding is zeker: de beste preventie van blessures en maagdarmklachten ligt in het zoveel mogelijk rekening houden met de natuurlijke leefwijze van het paard zelf en daarop het management te baseren.

Over de auteurs:
Cathérine Delesalle en Marco de Bruijn zijn dierenarts en Europees specialist inwendige ziekten. Delesalle is verbonden aan de Universiteiten van Utrecht en Gent. De Bruijn is mede-eigenaar van Dierenkliniek Wolvega.

Tekst:  Marco de Bruijn en Cathérine Delesalle

Foto’s: Digishots / Leanjo de Koster


Gregory Wathelet nieuwe ruiter Eldorado de Hus

0
Gregory Wathelet op de foto met Conrad de Hus
Gregory Wathelet op de foto met Conrad de Hus

De Belgische springruiter Gregory Wathelet krijgt weer een hengst van Haras de Hus onder het zadel. De ruiter die zilver won op het EK in Aken met Conrad de Hus (foto), neemt de achtjarige hengst Eldorado de Hus (v. Diarado) over van Gilles Botton.

Lanaken

Botton werd met Eldorado zesde op het Franse kampioenschap voor vierjarige dressuurpaarden. In 2015 nam Boton met de bruine deel aan het WK voor zesjarige springpaarden in Lanaken. Eldorado is bij meerdere stamboeken goedgekeurd als dekhengst, waaronder het BWP, Zangersheide en en Selle Francais.

Xavier Marie

Via Haras de Hus-eigenaar Xavier Marie is ook de Darco-zoob Iron Man vd Padenborre beschikbaar voor de Franse fokkerij. Deze hengst behaalde in 2015 brons op het Belgisch kampioenschap voor zevenjarige paarden en wordt eveneens gereden door Gregory Wathelet.

Bron: Studforlife
Foto: DigiShots

Olivier Philippaerts: ‘Niks forceren bij zo’n jong paard’

0
Olivier Phillipaerts met Cabrio v.d. Heffinck
Olivier Phillipaerts met Cabrio v.d. Heffinck

In Jumping Amsterdam verliep de wedstrijd van Olivier Philippaerts (foto: archiefbeeld met Cabrio van de Heffinck) niet helemaal volgens plan. Toen Olivier Philippaerts het deelnemersveld van de barrage zag, wist hij dat het lastig zou worden. Liefst acht concurrenten in de 1.50-rubriek op de zaterdagavond van Jumping Amsterdam. Samen met zijn 9-jarige paard Ikker maakte hij uiteindelijk 2 fouten in de barrage. De Belg besloot het rustig uit te rijden. Ze werden 8ste.

 

Jong paard

‘Hij is nog jong, hè’, zei Philippaerts tegen CAP Magazine. ‘Het ging in de eerste ronde goed. Er zaten snelle combinaties in de barrage. Daarom moest ik risico nemen. Op de 2de hindernis ging het al mis. Ja, dan weet je genoeg. Gegokt en verloren. Dan moet ik het gewoon rustig uitrijden. Niks forceren bij zo’n jong paard. Het is niet anders.’

 

Grote Prijs Philippaerts

Philippaerts probeert zondag nog wel mee te doen om de prijzen in de Grote Prijs. Dan niet met de ruin Ikker maar met Cabrio. ‘Die heeft veel ervaring, dus we gaan er proberen bij te zitten’, zegt Philippaerts. ‘Met Ikker ga ik ook naar Hongkong. Of ik ook naar Doha ga, weet ik nog niet. Hangt er een beetje vanaf. Ikker is wel een paard voor de toekomst. Hij heeft veel vermogen en power. Hij moet nog wat makkelijker leren denken en we moeten het dressuurmatig werk nog iets verbeteren. Dat zal het springen ten goede komen en dan kan Ikker hoge proeven gaan springen.’

Bron: CAP Magazine

Foto: Digishots

Rijden in de regen, vooral vervelend voor de ruiter

0
Rijden in de regen
Rijden in de regen

Rijden in de regen. Het komt in deze tijd van het jaar nogal eens voor. Niet iedereen heeft de beschikking over een binnenpiste. En van buitenrijden worden jij en je paard heel nat. Dat is vervelend. Maar zowel ruiter als paard krijgen er niets van.

Glijden

Rijden in de regen levert voor een paard geen problemen op behalve bij slagregen. Dan zal het paard instinctief met zijn achterhand tegen de regen in gaan staan en is hij moeilijk tegen de wind in te rijden. Het ene paard is daar fanatieker in dan het andere. Met regen is de bodem waarop je rijdt wat natter en gladder. Zorg dan dat je niet te korte wendingen maakt om uitglijden te voorkomen.

Modder en vuil

Bij een paard dat voor het opzadelen al is natgeregend, moet modder en vuil onder tuig of zadel worden verwijderd om huidbeschadigingen te voorkomen. Daarna kan je gewoon opzadelen of optuigen.

Bron: Cap

Foto: Shutterstock

.

Typische winterproblemen: paard stijver dan normaal

1
Paardrijden in de winter
Paardrijden in de winter

In de winter staan veel paarden langer op stal dan in de zomer. De beperkte bewegingsmogelijkheden kunnen ervoor zorgen dat je paard stijver wordt. Hoe kan je hier het beste mee omgaan?

Goed losrijden

Op de eerste plaats is het belangrijk dat je de tijd neemt voor het losrijden. Minimaal tien minuten stappen voordat je je paard ‘aan het werk’ zet is een vereiste. En langer is ook altijd goed. Daarop volgt een goede warming up, waar je je paard lekker ‘over de rug’ wat laat draven en galopperen. Van daaruit kan je echt met de training beginnen. Aan het einde van de training neem je vervolgens echt de tijd om een ‘cooling down’ te geven en goed uit te stappen, voordat je hem weer op stal zet.

Meer dan één keer per dag beweging

Ondanks dat de mogelijkheden dikwijls bepertk zijn is het aan te raden je paard meer dan één keer per dag uit zijn stal te halen en bijvoorbeeld in de stapmolen beweging te geven. Heb je geen stapmolen, dan zou je er voor kunnen kiezen om zelf te wandelen met je paard.

Vitamine E

Tenslotte kan een tekort van vitamine E een rol spelen bij het ontstaan van stijfheid. In de zomer krijgen de paarden dit binnen via het gras. In hooi neemt deze waarde snel af tot nihil. Krachtvoor alleen vult dit niet altijd goed aan, een supplement biedt dan uitkomst.

Bron: Cap

Foto: Shutterstock

.

Dravers veelzijdige alleskunners

0
Dravers veelzijdige alleskunners
Dravers veelzijdige alleskunners

Steeds vaker begint een Draver na een carrière op de drafbaan aan een nieuwe uitdaging. De meeste Dravers worden ingezet als recreatiepaard, maar ook in de sport komen we in verschillende disciplines enkele uitblinkers tegen.

Mensport

De eenentwintig-jarige Draver Kanway (op de foto) is een mooi voorbeeld van de veelzijdigheid van het ras. Hij verdiende rond de € 150.000 op de drafbaan en was daarna toe aan een nieuwe carrière. Die vond hij bij Carola, die hem in eerste instantie succesvol uitbracht in de endurance. Toen zij merkte dat Kanway bespiering verloor doordat hij niet meer voor de sulky werd gereden, besloot ze ook met hem te gaan mennen. Dit bleek een schot in de roos en al gauw schreef Carola zich in voor een wedstrijd.

Maar liefst zeven achtereenvolgende jaren namen Kanway en Carola deel aan de Hippiade. In het begin van hun mencarrière kreeg Carola nog wel eens met de vooroordelen van anderen te maken. Mensen dachten dat zij en Kanway nooit verder dan het M zouden komen omdat Kanway niet zou kunnen galopperen. Kanway bewees hun ongelijk, door in de dressuurproeven voor achten en negens te galopperen. Tweemaal werd de combinatie Hippiadekampioen in de ZZ-vaardigheid. De eerste keer was in 2012, de tweede keer in 2014. Carola vertelt dat het publiek en de concurrentie misschien wel vooroordelen hadden, maar dat zij nooit het idee heeft gekregen dat de jury zich liet leiden door Kanway’s ras. ‘Ik heb altijd het gevoel gehad dat ik eerlijk beoordeeld werd door de jury. De ene proef ging beter dan de andere, maar zo gaat dat nou eenmaal.’

Springsport

Draver Dirk uit Zuid bleek geen hoogvlieger op de drafbaan en mocht op jonge leeftijd al een carrièreswitch maken. Hij werd door Amanda aangekocht als gezelschaps- en recreatiepaard, maar bleek veel meer in zijn mars te hebben toen haar zoon Boaz met hem begon te springen. De combinatie startte in de B en vloog in mum van tijd alle klasses door. Eind 2015 moest er zelfs even gewacht worden, want Dirk was Z-startgerechtigd, maar was te jong om in die klasse te mogen uitkomen. Op zesjarige leeftijd liep Dirk zijn eerste ZZ-springparcoursen in de categorie D en inmiddels hebben Boaz en Dirk in die klasse al twaalf winstpunten verzameld. In december 2016 startte de combinatie voor het eerst op een internationale wedstrijd. Die start werd beloond met een mooie zevende plaats.

TREC

Ook in de TREC kunnen Dravers goed uit de voeten. De inmiddels overleden Tammy’s Pride van Wendy was daar een voorbeeld van. Ook zij werd na haar carrière op de drafbaan eerst in de endurance uitgebracht, waarna uiteindelijk werd overgeschakeld naar de TREC. Dit beviel goed en in 2014 waren Wendy en Tammy één van de combinaties die Nederland tijdens het Europees Kampioenschap TREC in Italië vertegenwoordigden. ‘Tammy kon in de PTV (vaardigheidsparcours) keren op een kwartje, wat enorm goed van pas kwam, en ook kreeg ik haar vanuit een volle galop direct op de rem.’

Karakter

Alle drie roemen het karakter van hun Draver. Wendy merkt op dat haar Tammy de hindernissen in de PTV altijd snel snapte en direct wist wat ze moest doen. Carola stelt dat Kanway een gouden karakter heeft en dat ze dat nog nooit zo in een ander paard heeft teruggezien. ‘Ik ben echt geen briljante menner, maar met Kanway lukt gewoon alles!’ Dirk is volgens Amanda niet de meest getalenteerde springpony die er rondloopt, maar hij maakt alles goed met zijn mentaliteit. ‘Als je hem ziet stappen dan vraag je je nog net niet af of je hem moet gaan aanduwen, maar zodra hij de ring binnenloopt is hij wakker!’

Foto: DigiShots

Schedelbreuk blijkt vaker te voorkomen dan gedacht

0
Schedelbreuk
Schedel van een paard

Doordat paarden nieuwsgierig van aard zijn, snel vluchten en door mensen gehouden worden, lopen ze een groter risico om zich te verwonden. Een verwonding die vaker voorkomt dan men denkt en meestal fataal is, is een schedelbreuk als gevolg van een klap, stelt veearts Neil Williams.

Zwaar hoofd

Het hoofd van een normaal gebouwd volwassen paard weegt zo’n achttien kilo. Het gewicht van het hoofd zorgt er in combinatie met de lange hals voor dat het hoofd hard tegen de grond slaat bij een val. Bovendien zorgen de snelheid en kracht van paarden ervoor dat ze hun hoofd hard kunnen stoten als ze steigeren of rennen.

Binnen een periode van vijf jaar heeft de universiteitskliniek van Kentucky 34 keer een schedelbreuk bij een paard vastgesteld. De breuken kwamen voor bij verschillende rassen, maar werden vooral gezien bij Engelse Volbloeden. Ook de leeftijden van de paarden varieerden, het jongste dier was twee dagen oud, het oudste dier 23 jaar. Wel waren de meeste paarden met een schedelbreuk volwassen.

Zware verwondingen

De paarden liepen het letsel op door achterover te slaan tijdens het steigeren, hun hoofd hard tegen de grond te stoten of door hun hoofd te stoten aan de bovenkant van de stal of trailer. In andere gevallen was het paard tegen een voorwerp als een boom of hek aan gerend. In enkele gevallen werd het paard dood aangetroffen zonder dat er duidelijkheid was wat er exact gebeurd was. De paarden met een schedelbreuk vertoonden symptomen als ataxie, doorligplekken, verlamming, blindheid, trillende ogen en toevallen. In sommige gevallen bloedden de dieren uit de neus of oren.

In de meeste gevallen werd getracht het paard te behandelen, maar vrijwel alle paarden stierven aan hun verwondingen of werden ingeslapen.

Autopsie

De diagnose werd gesteld of bevestigd tijdens een autopsie. De bevindingen tijdens de autopsie waren bij alle paarden vergelijkbaar. De huid van de hoofd was soms beschadigd en het onderhuidse weefsel was gekneusd op de plaats waar het paard de klap kreeg. Bloedingen in de gehoorgang, neus of keel kwamen regelmatig voor.

Over het algemeen was er sprake van een bloeding tussen het harde hersenvlies en de schedel van het paard. Het hersenvlies was daarbij gescheurd waardoor er ook bloedingen in de hersenen ontstonden. Door de structuur van de schedel was er doorgaans sprake van meerdere breuken. In de meeste gevallen was er sprake van een breuk achterop het paardenhoofd. Deze breuken worden meestal veroorzaakt door het achterover slaan van het paard, waarbij het hoofd hard de grond raakt. Paarden die ergens tegenaan renden of een schop tegen het hoofd kregen liepen breuken op aan de voorkant van de schedel.

Veilige omgeving

Williams benadrukt dat het belangrijk is om je te realiseren dat paarden gevoelig zijn voor dit type letsel. Volgens hem is het noodzakelijk om paarden die nerveus of schrikkerig zijn zo min mogelijk in een omgeving te plaatsen waar het paard zich kan stoten als het in paniek raakt.

Bron: Hoefslag