Recent publiceerden we op capmagazine.eu een overzicht van de soorten koliek. We contstateerden dat koliek een ware sluipmoordernaar is. We doen er dus alles aan om koliek te voorkomen. Hoe? Hieronder enkele handvatten.

Manage de overgang naar de winter

Voor paarden die tijdens de zomermaanden dag en nacht op de wei staan, is de omschakeling van zomer naar winter een risicovolle periode en is het extra belangrijk de overgang naar de stal goed voor te bereiden. Begin op tijd met wat hooi aan te bieden op de wei. Het gras bevat tijdens deze periode minder voedingsstoffen. Deze extra ruwvoergift vangt de vermindering op en geeft het spijsvertegingsstelsel van het paard de kans zich langzaam aan te passen aan het opnemen van hooi. Deze overgangsperiode werkt zeker preventief tegen mogelijke koliek. Plaats daarna het paard voor steeds langere periodes op stal, afgewisseld met steeds korter wordende weideperiodes.
Sportpaarden of paarden die tijdens het zomerseizoen maar enkele uren op het weiland komen, ondergaan niet zo’n grote verandering in het aanbod van ruwvoer. Buiten gras om krijgen zij het hele jaar door hooi. Het spijsverteringsstelsel van deze paarden ondervindt dus niet zo’n grote verandering tijdens de aanloop naar het winterseizoen. De hoeveelheid ruwvoer kan verhoogd worden, maar dit is afhankelijk van de uren weidegang en dus de hoeveelheid aan gras dat het paard tot zijn beschikking had.

Zorg dat er 15 – 18 uur ruwvoer gegeten kan worden

Van nature uit besteden paarden ongeveer 15-18 uur per dag aan eten. Het is dus heel belangrijk dat ze minstens over deze periode van de dag beschikken over ruwvoer. De ideale situatie voor een paard is onbeperkt toegang tot ruwvoer. Het spijsverteringskanaal blijft dan actief en het paard gaat zich minder snel vervelen in de stal. Dit ruwvoer kan best grof en stengelachtig en laag geconcentreerd zijn. Vreest u dat uw paard te snel dik gaat worden, dan kunt u eventueel een mengeling van hooi en wat stro geven aan uw paard. Bovendien kunnen slowfeeders helpen om het paard langer bezig te houden met zijn ruwvoerhoeveelheid. Je geeft je ruwvoederhoeveelheid het beste in minstens 2-3 voederbeurten om een continue opname mogelijk te maken.

Manage het krachtvoer

De hoeveelheid krachtvoer die een paard krijgt moet te alle tijde aangepast worden aan de hoeveelheid arbeid die een paard verricht. Als de paarden tijdens de winter veel meer op stal staan door bijvoorbeeld het slechte weer en dan ook nog minder bereden worden, zal de hoeveelheid krachtvoer verminderd moeten worden of kan men een krachtvoer geven met een lager energieniveau.

Voldoende water

Wanneer paarden op de wei staan, nemen ze veel vocht op via het sappige gras en drinken ze daardoor minder. Wanneer ze op stal gaan en droog hooi te eten krijgen, is de vochtopname daardoor plots veel minder, met vaak obstipatiekolieken tot gevolg. Zorg daarom steeds dat je paard beschikt over vers water en controleer of je paard voldoende drinkt. Een liksteen helpt bij sommige paarden om de wateropname te verhogen.

Beweging

Niet enkel het rantsoen maar vaak ook het bewegingsritme verandert tijdens de winter. De weide is modderig en de buitenbak is nat. Dagelijks enkele uurtjes beweging op een droge weide, paddock of een stapmolen is toch wel aan te raden. De beweging is niet alleen een ideale afleiding voor het paard, maar stimuleert de spijsvertering. Dit is een preventief middel tegen koliek.

Bron: Lingehoeve Diergeneeskunde

Foto: Stock